Geef je mening over nieuwe jeugdzorg-wet

24-03-26

De komende tijd verandert er veel in de jeugdzorg. Het kabinet wil dat er minder jongeren gebruik gaan maken van jeugdzorg, en gaat daarvoor de wet aanpassen. Dat betekent: andere regels over wie hulp kan krijgen en hoe je die hulp krijgt.

Jouw mening telt. De regering heeft een eerste versie van de nieuwe wet online gezet (een ‘internetconsultatie’). Tot 13 april kan je laten weten wat jij van deze wet vindt:

Hieronder leggen we in duidelijke taal uit wat deze nieuwe wet gaat doen, en hoe jij je stem kan laten horen.

Dit gaat er veranderen door deze wet 

De afgelopen jaren is het aantal jongeren in de jeugdzorg hard gestegen. Gemeenten (die jeugdzorg regelen en betalen) hebben daardoor geldproblemen gekregen. De regering wil dat minder jongeren jeugdzorg krijgen en dat hulp als eerste beschikbaar is voor de meest kwetsbare jongeren. Ze zeggen dat (lichte) jeugdzorg voor veel jongeren niet passend of helpend is. Problemen van jongeren moeten volgens de regering vaker in het gezin, op school of in de buurt worden opgelost. 

Daarom wordt de belangrijkste wet voor de jeugdzorg aangepast: de Jeugdwet. Deze wetswijziging heet de ‘wet reikwijdte’, omdat deze opnieuw gaat bepalen voor welke jongeren gemeenten verplicht jeugdzorg moeten aanbieden. Het doel van de wet? Minder jongeren in de jeugdzorg waardoor er minder geld nodig is. De wet moet er daarom ook voor zorgen dat er bezuinigd kan worden op de jeugdzorg. 

Dit zijn de 10 belangrijkste veranderingen:

  • Plan voor opvoeden en opgroeien+

    Gemeenten moeten een plan maken: hoe zorgen ze dat kinderen en jongeren goed kunnen opgroeien? Daarvoor moeten er jongerenwerkers zijn, en plekken waar jongeren en ouders makkelijk terechtkunnen. Denk aan de bibliotheek of sportclubs. Gemeenten moeten hierover afspraken maken met belangrijke organisaties, zoals school, de kinderopvang en jeugdgezondheidszorg.

  • Lokale teams+

    Sommige gemeenten werken al met een lokaal team voor jeugdzorg, maar straks wordt dat in alle gemeenten verplicht. Jongeren en ouders moeten makkelijk bij zo’n team terechtkunnen, online én in de buurt. Je krijgt er informatie, advies en hulp bij het regelen van jeugdzorg als dit nodig is.

    Ook kan het lokale team zelf jeugdzorg bieden. Gemeenten bepalen of dit alleen gaat om lichte of ook zware jeugdzorg. Voor lichte jeugdzorg hoef je geen verwijzing te krijgen, voor zware wel. Een verwijzing kan je dan krijgen van het lokale team.

  • Onderwijs+

    School en lokale jeugdzorgteams moeten beter met elkaar samenwerken. Gemeenten moeten hier plannen voor maken. Als je op school tegen een probleem aanloopt, moet je school gemakkelijk het lokale team om hulp kunnen vragen.

  • Verwijzing naar (zware) jeugdzorg+

    De wet maakt een verschil tussen lichtere en zwaardere (aanvullende) jeugdzorg. Er staat niet in de wet wat licht en zwaar precies betekent, dat gaan gemeenten zelf bepalen. Om zwaardere jeugdzorg te krijgen, heb je een verwijzing nodig. Het lokale team kan dit voor je regelen. Daarvoor voert het lokale team onderzoek uit, onder andere naar wat je (hulp)vraag precies is, hoe ernstig je probleem is, wat je zelf wel en niet kan doen en welke hulp/jeugdzorg passend is. In de wet staan drie begrippen die voor dit onderzoek belangrijk zijn:

    1. Ernst: (zware) jeugdzorg wordt alleen gegeven als een probleem ernstig genoeg is. De professional in het lokale team bepaalt dit.

    1. Gebruikelijke hulp: professionals kijken wat ouders zelf kunnen betekenen. Welke ‘gebruikelijke hulp’ precies van ouders kan worden verwacht, wil de regering later bepalen, nadat de wet is aangenomen.

    1. Eigen kracht: er wordt gekeken naar wat jij en je ouders zelf kunnen oplossen. Gemeenten moeten regels opstellen voor hoe een professional hiernaar kijkt. Gemeenten mogen zelfs kijken of ouders minder kunnen werken om meer te helpen.

  • Eerst lichte jeugdzorg en groepshulp+

    Lichte jeugdzorg wordt het uitgangspunt. Dat betekent dat je niet bij zwaardere jeugdzorg terecht kan als er ook lichtere hulp moet worden ingezet. Dit betekent niet dat je eerst lichtere jeugdzorg moet krijgen, voordat je zwaardere jeugdzorg kan krijgen. Als de professional vindt dat het passender is om direct zwaardere jeugdzorg te krijgen, dan kan dat. Hetzelfde geldt voor groepshulp. Als er passende groepshulp is, kan je niet terecht voor individuele hulp. Tenzij de professional vindt dat individuele hulp passender is.

  • Hulp vanuit de juiste plek+

    Soms ligt een probleem niet bij jeugdzorg. Bijvoorbeeld als het gaat om armoede, wonen of schulden. Het lokale team zorgt er dan voor dat er vanuit de juiste organisatie hulp wordt aangeboden.

  • Heroverwegen jeugdzorg+

    De gemeente moet vaker opnieuw bepalen of een jongere nog jeugdzorg nodig heeft. Per jongere wordt bepaald hoe vaak dit moet gebeuren.

  • Zorgvormen+

    De regering wil later bepalen welke vormen van hulp niet meer onder jeugdzorg vallen. We weten nog niet om welke zorgvormen dit gaat.

  • Huisartsen+

    Op dit moment mogen huisartsen en jeugdartsen een verwijzing naar jeugdzorg geven. 40% van de jongeren in de jeugdzorg komt hier via de huisarts terecht. Huisartsen moeten in de nieuwe wet afspraken maken met de gemeente over hoe zij doorverwijzen naar jeugdzorg. Wel worden de mogelijkheden van huisartsen om te verwijzen naar jeugdzorg beperkt. Zodra er genoeg (sterke) lokale teams in Nederland zijn, zal de regering besluiten dat huisartsen alleen nog maar door mogen verwijzen naar een lokaal team. De lokale teams moeten dan een verwijzing geven voor (zwaardere) jeugdzorg.

  • Trajectduur+

    Jongeren zitten langer in jeugdzorg dan vroeger. Gemeenten moeten daarom afspraken maken met zorgaanbieders over hoe lang jeugdzorgtrajecten duren.

Laat je stem horen!

Jij kan nu je mening geven over de eerste versie van deze nieuwe wet. De regering stelt vier vragen. Je hoeft ze niet allemaal te beantwoorden. Kijk vooral bij welke vraag je iets te zeggen hebt! Dit zijn de vragen: 

  1. Wat vind je van de wet? Hier mag je alles delen. Ook kan je een document bijvoegen, bijvoorbeeld een brief. 

  1. Hoe werkt het lokale team in jouw gemeente? Of het sterk genoeg is, welke dingen er nog misgaan en wat een lokaal team volgens jou nodig heeft. Deze vraag is vooral van belang als jij al ervaring hebt (gehad) met een lokaal team!  

  1. Wat denk je van de verschillen die tussen gemeenten kunnen ontstaan bij het aanbieden van jeugdzorg? Zoals je hierboven kan lezen, houden gemeenten best veel ruimte om zelf bepaalde zaken rondom jeugdzorg in te vullen. Bijvoorbeeld wat lichte en zware jeugdzorg is, en wat voor problemen je zelf op moet kunnen lossen. Bij welke zaken is het goed als deze bij de gemeente blijven, en over welke dingen zou juist landelijk beslist moeten worden (zodat dit in alle gemeenten hetzelfde is)? 

  1. Wat vind je van groepshulp in de jeugdzorg? Wanneer werkt het en wanneer niet? Is het handig om groepshulp aan te bieden boven individuele hulp? 

Tot 13 april kan je laten weten wat jij van deze wet vindt

Je antwoorden komen op de website te staan, maar dit kan anoniem. Jouw naam komt er dan niet bij te staan.

Wat gebeurt er daarna?

Het ministerie van Volksgezondheid gaat na 13 april aan de slag met de reacties op de wet. Die worden verwerkt in een nieuwe versie van de wet. Daarna gaat de wet naar de Tweede Kamer. Daar wordt erover gedebatteerd en gestemd. NJR zit ook aan tafel bij de Hervormingsagenda, waar de komende maanden deze wet wordt besproken. Alle reacties die jongeren online geven op de wet, kan NJR ook daar aan tafel gebruiken. Dan weten wij hoe jongeren denken over de wet, en dus wat er nog moet veranderen!

Heb je nog vragen, zijn er dingen onduidelijk of wil je meer weten over de wet? Stuur een mailtje naar ons bestuurslid Meike via meikenijwening@njr.nl of onze beleidsadviseur Jelrik via jelrikwestra@njr.nl