De Gouden Cirkel

Het waarom, hoe en wat van positief jeugdbeleid 

Positief jeugdbeleid is beleid met de ambitie om zoveel mogelijk jongeren het beste uit zichzelf te laten halen. Dat is de enige manier waarop jongeren optimaal tot hun recht kunnen komen en een samenleving is het aan haar jeugd, maar ook aan zichzelf verplicht om dat te willen bereiken. Zoals geldt voor alle vormen van beleid, moet je ook voor succesvol jeugdbeleid eerst een goed doordacht fundament formuleren. Daarbij kun je uitgaan van de Gouden Cirkel, oftewel een helder omschreven ‘waarom, hoe en wat’; in die volgorde. Vanuit een helder omschreven ‘waarom’, wordt het meest passende ‘hoe’ vastgesteld en van daar uit wordt gekeken welke ‘wat’ daarbij past. 

Het achterliggende principe
Simon Sinek deelt in zijn boeken en op conferenties vol passie het principe van ‘de Gouden Cirkel’. Via dit model is goed te analyseren waarom sommige leiders en bedrijven meer succes hebben dan anderen. Sineks Gouden Cirkel bestaat uit drie delen: het hart wordt gevormd door ‘waarom’, de ring daaromheen door ‘hoe’ en de buitenste ring door ‘wat’. Bedrijven en leiders die succesvol zijn, zijn dat omdat ze van binnen naar buiten werken: ze dragen uit waarom ze doen wat ze doen, hoe ze dat doen en dan pas wat ze precies te bieden hebben. Dit is tegengesteld aan de gangbare aanpak, waarbij men andersom werkt, van buiten naar binnen, door te vertellen wat men te bieden heeft en vervolgens (al dan niet) uit te leggen hoe en waarom. 

Er is geen reden om aan te nemen dat Sineks principe niet precies zo geldt voor maatschappelijke organisaties en zelfs voor overheidsdiensten. Wie vanuit een heldere visie een passende strategie ontvouwt en van daaruit duidelijke producten aanbiedt, heeft meer kans op succes.

Waarom
Het waarom van jeugdbeleid is dat we willen dat alle jongeren de best mogelijke kansen krijgen om welzijn en geluk te ervaren en zich maximaal te ontplooien. Dat is waar het allemaal om draait. Het is heel goed om bijkomstige doelen te formuleren in de beheersmatige sfeer, zoals dat professionals beter hun werk kunnen doen, terwijl kosten voor de gemeenschap dalen; dat zijn namelijk te verwachten effecten van goed positief jeugdbeleid. Maar uiteindelijk moet het hoofddoel het kompas blijven waar je op vaart.

Hoe
Het hoe, oftewel: de bijpassende strategie. Diverse publicaties van wetenschappers maken duidelijk wat uitvoerders als NJR ook in de praktijk ervaren: dat het cruciaal is om goed aan te sluiten bij de behoeften en de leefwereld van jongeren. Hierbij valt vooral te denken aan inzichten van de Zelfbeschikkingstheorie van Deci en Ryan. Deze breed aanvaarde motivatie-theorie stelt onder meer dat de mens drie universele psychologische basisbehoeften heeft: autonomie, competentie en verbondenheid. In het artikel psychologische basisbehoeften schrijven we over waarom dit relevant is en hoe dit ingezet kan worden in de praktijk. 

Wat
Dat brengt ons bij de ‘wat’: wat moet je doen om deze basisbehoeftes van jongeren te vervullen? Daarin zullen de verschillen zichtbaar worden tussen de ene gemeente en de andere, tussen de ene instelling en de andere. De wat moet altijd zijn afgestemd op de lokale situatie, de kwaliteiten en ervaring van de mensen die het moeten gaan doen, de gevoeligheden die leven, de gedeelde waarden die er zijn, die problemen die mensen ervaren. Maar een eerste stap die voor iedereen hetzelfde is, is zorgen dat je goed aansluit bij de uitgangspunten van het kader waarbinnen je werkt, de nieuwe jeugdwet:

  • De eigen inzet en motivatie van jongeren (en hun omgeving) moet centraal staan en kan worden gestimuleerd met vormen van ondersteuning.

    Er zijn genoeg voorbeelden hoe dat kan. Zo hebben VSB Fonds en NJR bijvoorbeeld het Ik Ben Geweldig programma. Wij zien dat er in Nederland veel jongeren rondlopen met een goed idee om iets geweldigs te doen voor een ander. Met coaching en een kleine financiële bijdrage worden deze jongeren ondersteund, zodat zij hun idee zelf tot uitvoering kunnen brengen. 
     
  • Waar nodig wordt zorg geboden, maar altijd zonder alles uit handen te nemen omdat op die manier autonomie en competentie zouden worden ondergraven; geboden zorg moet dan ook zoveel mogelijk een keuze zijn die door jongeren zelf wordt gemaakt en waar dat (tijdelijk) niet mogelijk is moet zo snel mogelijk worden toegewerkt naar een situatie waarin wel autonomie en competentie kunnen worden ervaren

    Bij jongeren in de jeugdzorg zien en horen we dat zij vaak het gevoel hebben dat alles draait om wat ze niet kunnen en mogen. Om dit te doorbreken werken we met het project Kinderrechten in de Jeugdzorg aan autonomie en competentie, door eerst een impuls te geven aan het zelfvertrouwen en op basis daarvan inspraakactiviteiten op individueel- en instellingsniveau te organiseren. 
     
  • Zorg en ondersteuning worden juist daarom ook altijd precies afgestemd op de specifieke behoeften van jongeren (en hun omgeving)

    Dit kan eigenlijk alleen gerealiseerd worden door het beleid samen met jongeren, professionals en beleidsmakers vorm te geven. In het artikel de drie-eenheid van het jeugdbeleid beschrijven we nog concreter hoe dit vormgegeven kan worden. 

In de praktijk
Als je de Gouden Cirkel van positief jeugdbeleid hebt geformuleerd en goed hebt nagedacht over de afstemming op de ´couleur locale´, dan is er bij het vormgeven van het lokale jeugdbeleid nog een stap nodig om daadwerkelijk beleid op maat te kunnen realiseren: de direct betrokkenen bij elkaar brengen om verdere informatie en inzichten die nodig zijn boven tafel te krijgen en je te verzekeren van hun commitment, motivatie en gevoel van eigenaarschap. Dit kan gedaan worden door als gemeente met jongeren en professionals om tafel te zitten en het lokale waarom, hoe en wat in kaart te brengen. 
In het NJR Impactprogramma hebben we een methode ontwikkeld om deze stap samen te zetten, met jongeren, professionals en beleidsmakers. In Scenario Games komen deze drie partijen samen tot scenario’s voor samenwerking in de praktijk, waarbij vooral de vraag van het waarom en hoe van succesvol jeugdbeleid door de deelnemers wordt gesteld en beantwoord. De Scenario Game is een directe maar speelse en daardoor heel prettige vorm van inspraak, waarin de betrokken partners de dialoog met elkaar aangaan over wat wel en niet werkt en voor beleidsmakers kan het een opluchting zijn dat hiermee het denkwerk niet meer alleen op hun schouders rust. Na het creëren van een gezamenlijk vertrekpunt en een gedeelde visie (waarom), leveren de deelnemers de bouwstenen die nodig zijn voor de oplossing, waarbij ze zoveel mogelijk worden aangesproken op hun ideeën, vaardigheden en overtuigingen. Naast het creëren van een gezamenlijk vertrekpunt is de Scenario Game ook een manier om (jeugd)beleid te toetsen en aantoonbaar te maken waarom beleid wel of niet werkt. Op basis van deze bevindingen kan ook de verantwoording naar de gemeenteraad worden vormgegeven.

Een Scenario Game wordt gevolgd door een Work Lab. Daar staat het maken van concrete actieplannen centraal. De opgedane informatie en de beste ideeën uit de Scenario Game vormen het vertrekpunt voor een heldere taakverdeling en routing rondom het eerder gestelde lokale vraagstuk. De ervaringen tot nu toe met deze werkwijze, maken duidelijk dat het goed werkt voor de praktijk van iedere gemeente. 

Meer weten over de Gouden Cirkel: