De wereld om ons heen verandert razendsnel en blijft zich ontwikkelen. Om als jongeren met deze veranderingen om te kunnen gaan, is het van belang dat het onderwijs hen hier op voorbereidt. De kern van het onderwijs dient erop gericht te zijn jongeren te wapenen tegen deze veranderingen. Momenteel is het onderwijs zo ingestoken, dat de jongeren op cruciale en zeer gevoelige leeftijden grote en belangrijke keuzes moeten maken. Het moment dat je wisselt van basis- naar middelbare school, rond je 12e levensjaar, gaat gepaard met enorme veranderingen, waarvoor veel aanpassingsvermogen van de leerling wordt gevraagd. Mede door de waarde, die door middelbare scholen wordt gehecht aan het niveauadvies vanuit de basisschool, is deze overgang erg spannend en beladen. De druk van dergelijke keuzes keert weer terug in de profielkeuze rond het 14e of 15elevensjaar. Leerlingen hebben hierbij het gevoel de rest van hun toekomst en beroepskeuze vast te leggen. Volgens NJR kan deze druk worden verlicht wanneer het onderwijs zich focust op het ontwikkelen van een set van basisvaardigheden en daarbovenop ruimte aan de leerlingen biedt om te gaan voor wat hen ligt en te excelleren op hun sterke punten. Onder basisvaardigheden verstaat NJR een summiere set van kennis- en sociale vaardigheden. Hierbij komen de alom bekende kennisvaardigheden aan bod als lezen, schrijven en rekenen, maar ook kennis over andere culturen, duurzaamheid en de werking van politieke en maatschappelijke instanties behoren hiertoe. NJR stimuleert de focus op deze thema’s in het onderwijs door bijvoorbeeld het organiseren van gastlessen over deze thema’s en projecten als Europa in de Klas en het Nationaal Jeugddebat. De ontwikkeling van de sociale basisvaardigheden omvat vaardigheden als het tonen van respect en begrip, maar ook het kunnen anticiperen op veranderingen, omgaan met sociale druk en bewustwording van de invloed van media. Dit dient op summiere wijze, al in het basisonderwijs, aan de leerling te worden aangeboden. In het voortgezet onderwijs kan op deze basisvaardigheden worden voortgebouwd en is er ruimte om te gaan voor wat je ligt en te excelleren op je sterke punten. In deze fase krijgt de leerling meer vrijheid. 

Indeling naar niveau in plaats van leeftijd
Volgens NJR is het van belang om te focussen op de sterke punten van de leerling. Door te focussen op de vakken waar hij goed in is, in plaats van zijn minder sterke vakken, zal een leerling nooit onder zijn niveau komen. Idealiter volgt een leerling vakken op verschillende niveaus. Wanneer je uitblinkt in biologie, maar Frans maar niet wil lukken, moet er de mogelijkheid zijn om biologie op vwo-niveau te volgen, maar Frans op een lager niveau. Het ontwikkelen en excelleren op sterke punten moet niet geremd worden door zwakkere punten. Het moet worden aangemoedigd. Deze aanmoediging vindt plaats door het ontwikkelen van intrinsieke motivatie. NJR gaat ervan uit dat wanneer jongeren hun sterke punten ontdekken en verder kunnen ontwikkelen, zij vanzelf gaan werken vanuit hun intrinsieke motivatie. Doordat zij hun minder sterke vakken op lagere niveaus kunnen doen, raken zij niet gefrustreerd over deze vakken en door het volgen van hun sterkere vakken op hogere niveaus wordt voorkomen, dat zij gedemotiveerd raken, doordat zij onder hun niveau werken. Het kan dan voorkomen, dat een leerling van 13 op hetzelfde niveau zit als een leerling van 15 bij het ene vak, maar de leerling van 15 zit bij zijn sterke vakken wellicht weer bij leerlingen van 17 jaar. Dit is geen schande en dient juist geprezen te worden. Op deze manier wordt het intergenerationeel leren bevorderd en leert geen enkele leerling onder zijn niveau. 

Diploma wordt persoonlijk profiel
Wanneer leerlingen op verschillende niveaus vakken volgen, kunnen zij, in onze visie, doorlopend tijdens hun middelbare school eindexamens maken. Zo kan een leerling bijvoorbeeld in de 4e klas een mavo-examen maken voor een vak waar hij minder sterk in is. De leerling kan altijd besluiten door te leren en proberen in de 5e of 6e klas een havo- of vwo-examen van ditzelfde vak proberen af te leggen. Echter, wanneer dit het hoogst haalbare niveau blijkt, heeft hij dit diploma wel alvast mooi op zak. Van zijn sterkere vakken maakt hij de examens wel gewoon pas in de 6e klas op vwo-niveau. Wanneer blijkt dat de leerling het overgrote deel van de vakken op een lager niveau al in de 4e klas afsluit en voor maar éénof twee vakken door blijft leren, zou er aan de overige tijd een praktische invulling kunnen worden gegeven. De tot dan toe opgedane kennis krijgt voor de leerling dan praktische waarde. Zo krijgt hij al tijdens zijn middelbare school, zicht op de praktijk. Op die manier kan hij al proeven van het vakgebied wat hij dan voor ogen heeft. Op die manier kan hij bepaalde vakken op een hoger niveau afmaken en gaat hij met al enige praktijkervaring van de middelbare school af.
Ook zou het mogelijk moeten zijn dat leerlingen na zes jaar een vak te volgen, toch besluiten dit vak op een lager niveau dan op vwo-niveau af te sluiten.
Op deze manier wordt een persoonlijk profiel geschetst van de leerling. De sterke punten van de leerling komen hierdoor in het bijzonder tot hun recht. Bovendien wordt voorkomen, dat leerlingen op alle vakken afzakken naar lagere niveaus, ten behoeve van slechts één of twee zwakkere vakken. Leerlingen krijgen in deze vorm van onderwijs vrijheid en autonomie, die volgens NJR zeer positief zal uitpakken, doordat deze onderwijsvorm de intrinsieke motivatie van de leerlingen zal aanwakkeren. Frustratie en demotivatie onder de leerlingen wordt hierdoor tegengegaan.

Rol van de docent
De docent heeft een belangrijke rol in het onderwijs in 2032. Het is aan de docent om ervoor te waken dat leerlingen niet te makkelijk afzakken naar lagere niveaus wanneer vakken niet meteen willen lukken of de leerling niet meteen aanspreken. Het is van groot belang, dat de leraren getraind worden om de verschillen tussen leerlingen te herkennen en om bewustwording onder leraren te creëren over de verschillende niveaus van de leerlingen. De volgende aanbeveling van het VN Kinderrechtencomité, naar aanleiding van de vierde periodieke rapportage van Nederland bij de VN, sluit naadloos aan bij de visie van NJR over de rol van de docent in Onderwijs2032:

51. In the light of its General comment No. 1 (2001) on the aims of education, the Committee recommends that the State party: 

Take necessary measures to improve the quality of education, and provide quality training for teachers, in order to address differences in development among pupils appropriately.

De rol van de docent zal bij het doorvoeren van dit beleid niet alleen van groot belang worden voor het waarborgen van het niveau van de leerlingen, maar ook zal de docent een persoonlijkere band met leerlingen en ouders creëren, omdat hij de ontwikkeling van de leerling op nauwe voet volgt. Hierdoor krijgt de docent, behalve in het overbrengen van kennis, ook in de persoonlijke ontwikkeling van de leerling een essentiële rol en krijgt de docent weer het gevoel onmisbaar te zijn. Op deze manier krijgt de docent een mentorrol, die direct is gekoppeld aan het waarborgen van het niveau van het onderwijs.  

Democratisering en dienstbaarheid in het onderwijs
NJR gelooft, dat wanneer leerlingen hun sterke punten ontdekken en ontwikkelen, zij het gelukkigst worden. Om dit te bereiken, is het van groot belang dat de huidige interpretatie van rendementsdenken verdwijnt uit het onderwijs. Rendement is volgens NJR niet behaald wanneer je een zo hoog mogelijke functie bekleedt, maar wordt behaald door te gaan voor wat je ligt en je daardoor gelukkig te voelen. Wanneer het beleid van een school zich hierop richt, in plaats van het behalen van hoge resultaten, zullen de leerlingen vanzelf op een goede manier functioneren.
Door de input van de leerlingen in het schoolbeleid mee te nemen, wordt een beleid gevormd wat inspeelt op de behoeften van jongeren. NJR gelooft heilig in het consulteren van jongeren in het vormgeven van beleid dat over hen gaat. Het belang hiervan wordt wederom in de aanbevelingen van de VN genoemd:

31. In the light of its general comment No. 12 (2009) on the right of the child to be heard, the Committee recommends that the State party take measures to strengthen this right in accordance with article 12 of the Convention. To that effect, it recommends that the State party:

(a) Develop toolkits for public consultation on national policy development to standardize such consultation at a high level of inclusiveness and participation, including consulting with children on issues that affect them;

Medezeggenschap van de leerlingen in het schoolbeleid zal duaal leren in het onderwijs bevorderen. Naast de kennisoverdracht van leraar naar leerling, vindt er ook overdracht plaats van leerling naar directie. Bovendien zal deze constructie de belevenis onder de leerlingen over het bestaan van een hiërarchie tussen leerling, leraar en de directie verminderen, omdat zij zich gehoordvoelen. Om de hiërarchie verder te verkleinen, stelt NJR, dat het gunstig is, wanneer de directie van een school zich ook voor de klas begeeft. Het onderwijs werkt niet als een bedrijf met eenwinstoogmerk, maar moet worden gezien als vakmanschap, waar ontwikkeling en dienstbaarheid van de leraren en directie naar de leerlingen toe centraal dient te staan. Wanneer de directie ook daadwerkelijk voor de klas staat, zal er meer wederzijds begrip ontstaan tussen leerling en directie. In de visie van NJR heeft het lesgevende directielid, als leraar, dan ook automatisch een mentorrol. Door het voeren van het geschetste beleid vindt er democratisering plaats in het onderwijs: leerling, leraar en directie zijn met elkaar verweven en voelen zich verbonden en gehoord en kunnen zich inleven in de positie van de ander. 

Conclusie
NJR ziet, dat de druk vanuit de samenleving voor jongeren steeds meer toeneemt en dat de wereld om ons heen enorm snel verandert. In onze visie op Onderwijs2032 is het onderwijs het ideale uitgangspunt om jongeren hier op voor te bereiden, door middel van het aanbieden van een summiere set van basisvaardigheden, bestaande uit kennis- en sociale vaardigheden. Daar bovenop is er voor jongeren de ruimte om te gaan voor wat ze ligt en op hun sterke punten te excelleren. Door deze ruimte te bieden, wordt aan jongeren ook het signaal afgegeven, dat rendement is behaald, wanneer zij gelukkig zijn en niet per se wanneer zij voldoen aan alle eisen en verwachtingen van buitenaf. In de visie van NJR wordt de positie van zowel de leerling als de leraar versterkt, door het belang van de wisselwerking tussen beide te benadrukken. De rol van de leraar als bewaker van het niveau van de leerling en de rol van de leerling in het vormgeven van het schoolbeleid geven aan beiden het gevoel, dat zij er toedoen. Door de hiërarchie tussen leerling, leraar en directie te verkleinen, ontstaat er vanzelf een schoolbeleid, dat zich focust op de behoeften en sterke punten van de leerlingen, waardoor leerlingen zullen gaan werken vanuit intrinsieke motivatie. NJR gelooft, dat wanneer dat is bereikt, de weg naar geluk voor elke jongere open ligt.

Geschreven door: Merel Keijzer
Bestuurslid belangenbehartiging NJR 2015-2016. 

Posted
AuthorNJR